9 tips voor Lissabon

Er zijn een aantal steden die mijn hart hebben gestolen. Lissabon is er één van. Ik ben er al ontelbaar keer geweest en elke keer ontdek ik weer een nieuw straatje, leuk restaurantje of mooi uitzichtpunt. Hierbij 9 tips van mij voor Lissabon.

1. Castelo Sao Jorge

Als het kan, start je bezoek dan op het Castelo Sao Jorge. Dat is het kasteel bovenop de stad begroeid met bomen. Je ziet het al liggen als je in Lissabon bent. Je moet entreegeld betalen maar het is zeker de moeite waard om daar rond te lopen, veel bomen waar je lekker in de schaduw kan zitten en super mooi uitzicht over de hele stad. En je weet meteen hoe Lissabon er ongeveer uit ziet en waar wat ligt. Mooie plek om te starten dus!

2. Miradouros

Omdat Lissabon op 7 heuvels is gebouwd heb je veel uitkijkpunten oftewel miradouros. Leuk om er een aantal te bezoeken want dan zie je gelijk de stad vanaf verschillende punten en vaak kun je er heerlijk zitten en even uitrusten met een onwijs mooi uitzicht. Op We heart Lisbon vind je een lijstje.

3. Dakterrassen

Lissabon heeft veel dakterrassen. Een leuke bar is Park. Moeilijk te vinden want je moet door een parkeergarage en in een lift die er een beetje vaag uit ziet maar dan heb je echt een super mooi uitzicht over de Taag en de brug en de stad. Met een cocktail en zonsondergang echt super chill. Hij staat ook op nummer 1 op The Rooftopguide maar hier staan er nog meer.

4. Lekker eten in de foodhall, Alfama en Bairro Alto

Houd je van foodhalls dan is er vlakbij het station Time Out; de foodhall van Lissabon in de oude markthal de Mercado de Ribeira. Een hippe plek waar je Portugees kunt eten en wijntjes kunt drinken maar dan in een modern jasje.

Sowieso kun je overal in Lissabon lekker eten. Maar wil je bijzonder eten, ga dan de  wijk Alfama of Bairro Alto in. Daar vind je heel veel smalle straatjes met zowel hippe als authentieke restaurants. En natuurlijk ook de bekende Fado restaurants. Wel een klein beetje toeristisch maar echt wel leuk om daar een keer te eten met een Fado zanger(es) erbij.

5. Trammetje 25 of 28

Lissabon is makkelijk te voet te doen, mits je van klimmen houdt. Wil je een keer niet een heuvel op neem dan een trammetje. Je hebt een rood toeristisch trammetje waar je mee rond kan rijden in Lissabon maar neem in plaats hiervan de gele tram 25 of 28. Dit trammetje brengt je overal in Lissabon maar ook naar de wijk Bélem (hieronder meer).

6. Belém

Belém is een wijk net buiten Lissabon en is vooral een eerbetoon aan de ontdekkingsreizigers van Portugal. Veel monumenten en gebouwen die er staan herinneren hier aan. Je kunt er met de trein naartoe vanaf station Cais do Sodre maar ook met het gele trammetje 25 of 28 vanaf Lissabon. Je  hebt twee gedeeltes van de wijk. Het gedeelte aan het  water waar je heerlijk kunt lopen langs de Taag met mooi uitzicht op de rode brug Ponte 25 abril, het monument Descobrimentos met alle ontdekkingsreizigers van Portugal (waar je op kan en een super mooi uitzicht hebt over Bélem) en aan het eind de Torre de Belém (Unesco erfgoed). En dan heb je de andere zijde waar je gelijk al het grote klooster Mosteiro de Jeronimos ziet en waar je restaurantjes hebt en de lekkerste Pastéis de Belém van heel Portugal. Meestal staat er een ellenlange rij overdag maar ga je in de avond dan staat er bijna niemand. Als er een rij staat, ga dan naar binnen. Misschien heb je geluk en is er een tafeltje vrij. Je denkt dat het een kleine zaak is maar het is enorm! Bestel er binnen gelijk 10, eet er 1 op met een Bica (sterke koffie) en neem de rest mee naar buiten om daar verder te eten.

7. Oude dokken: Santo Amaro en LxFactory

Lissabon is van oudsher een havenstad. Vroeger was de haven vlakbij het centrum en de brug. Nu staan ze verderop iets buiten de stad. Er staan daarom ook nog veel oude dokken daar die inmiddels zijn omgebouwd tot restaurants en uitgaansgelegenheden zoals LxFactory en Docas de Santo Amaro. Op het oude fabrieksterrein LxFactory vind je veel leuke restaurantjes, hippe boetiekjes en gezellige café’s. Aan de overkant, aan de Taag, liggen de dokken van Santo Amaro waar je ook veel restaurants vindt. En een ongelooflijk mooi uitzicht hebt op de rode brug en de Cristo Rei.

8. Dagje zon en strand

Dagje zon, zee en strand kun je doen met de trein vanaf Cais do Sodré. Dan ben je in minder dan 40 minuten in de badplaats en visserdorp Cascais (en je komt langs allerlei andere wijken/stranden). Je kunt daar op het strand liggen, maar er ligt ook een mooie wandelroute richting Boca do Inferno (mond van de hel) waar de Atlantische oceaan hard tegen de rotsen slaat.

9. Tijd over? Ga naar de overkant of naar het Expo gebied Parque das Nacoes!

Heb je dan nog tijd over? Je kunt naar de overkant met de boot en het Christusbeeld bezoeken en er ook op. Dit is een replica van het beeld in Rio/Brazilië, gebouwd in opdracht van dictator Salazar, die ook de brug liet bouwen. Adembenemend uitzicht over Lissabon! Of je kunt naar het Expo gebied Parque das Nacoes. Een contrast met het oude Lissabon. Mooi wandelgebied, autovrij, met het grootste Oceaneum van Europa. En een mega groot winkelcentrum, veel restaurants en een kabelbaan die je van de ene naar de andere kant brengt.

Ik schreef ook eerder een blog over eettips voor Florence.

Pastel de nata

Voorbereidingstijd10 min
Bereidingstijd15 min
Gang: Nagerecht
Keuken: Portugal
Trefwoord: Pastel de nata
Porties: 10 stuks

Ingrediënten

  • 1 rol bladerdeeg
  • 4 eierdooiers
  • 250 ml melk
  • 1 vanillepeul
  • 1/2 citroenrasp
  • 1 kaneelstokje
  • 60 gr suiker
  • 1 el bloem

Instructies

  • Verwarm de oven voor op 220  graden.
  • Rol het bladerdeeg (aan de korte kant)op en snijd deze in 10 gelijke plakjes van ongeveer 1,5 cm. Rol de plakjes iets uit.
  • Vet een muffinvorm in met wat bakspray. Druk de plakjes bladerdeeg in de vorm. Prik er gaatjes in met een vork en zet de vorm met bladerdeeg even in de koelkast.
  • Klop de eidooiers met de bloem en de suiker in een kom tot een gladde massa.
  • Snijd het vanillestokje open en verwijder het merg met een mes.
  • Verwarm in de tussentijd de melk met het kaneelstokje, de rasp van een halve citroen (eerst wassen) en het merg van het vanille stokje. Haal het kaneelstokje er vervolgens uit.
  • Giet de hete melk al roerend, beetje bij beetje bij de eidooiers. Blijf kloppen, anders kunnen de eidooiers gaan stollen.
  • Giet het mengsel terug in de pan en breng dit al roerend aan de kook. Laat het al roerende iets dikker worden. Net zo dik als een vanillesaus ongeveer. Dus niet zo dik als vla. Laat het mengsel iets afkoelen.
  • Giet de gele room op de bladerdeegbakjes.
  • Bak de Pastéis de nata in 12 – 15  minuten goudbruin in de voorverwarmde oven.
    Bestrooi vlak voor het opdienen met poedersuiker en kaneel. Je kunt ze  zowel warm als koud eten.
error

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

3 × 4 =